Algemene uitleg, geen advies
Zo werkt de btw-calculator
- Vul het bedrag in. Een komma of een punt mag allebei, dus 1.250,50 en 1250.50 werken.
- Kies exclusief btw als je bedrag nog zonder btw is, bijvoorbeeld je eigen prijs. Kies inclusief btw als de btw er al in zit, bijvoorbeeld een bedrag op een kassabon.
- Kies het tarief: 21%, 9% of een eigen percentage, bijvoorbeeld voor een tarief in een ander land.
De calculator laat de som zien die hij maakte. Hij werkt in je browser; het bedrag dat je invult, wordt nergens naartoe gestuurd.
Btw berekenen: de formules
Met deze formules reken je alles zelf uit, met een rekenmachine of in Excel.
| Wat wil je weten? | 21% | 9% |
|---|---|---|
| Btw over een bedrag exclusief btw | bedrag × 0,21 | bedrag × 0,09 |
| Bedrag inclusief btw | bedrag excl. × 1,21 | bedrag excl. × 1,09 |
| Bedrag exclusief btw (terugrekenen) | bedrag incl. ÷ 1,21 | bedrag incl. ÷ 1,09 |
| Btw uit een bedrag inclusief btw halen | bedrag incl. × 21/121 | bedrag incl. × 9/109 |
Bij een ander tarief vervang je 21 door dat percentage. Bij 19% btw deel je dus door 1,19 en vermenigvuldig je met 19/119.
Ezelsbruggetje: van exclusief naar inclusief is keer 1,21, van inclusief naar exclusief is gedeeld door 1,21.
Btw terugrekenen: de fout die iedereen een keer maakt
Wil je de btw uit een bedrag halen, dan is 21% van het bedrag inclusief btw niet goed. Neem € 121 inclusief btw:
- Fout: € 121 × 0,21 = € 25,41 btw.
- Goed: € 121 × 21/121 = € 21 btw, dus € 100 exclusief btw.
De btw is 21% van het bedrag zonder btw, niet van het totaal. Daarom deel je door 1,21, of reken je met 21/121. Ook "21% eraf halen" klopt niet: € 121 min 21% is € 95,59, en dat is niet de prijs zonder btw.
Rekenvoorbeelden
| Bedrag | Is het | Tarief | Exclusief btw | Btw | Inclusief btw |
|---|---|---|---|---|---|
| € 100,00 | exclusief | 21% | € 100,00 | € 21,00 | € 121,00 |
| € 100,00 | exclusief | 9% | € 100,00 | € 9,00 | € 109,00 |
| € 250,00 | exclusief | 21% | € 250,00 | € 52,50 | € 302,50 |
| € 1.234,56 | exclusief | 21% | € 1.234,56 | € 259,26 | € 1.493,82 |
| € 121,00 | inclusief | 21% | € 100,00 | € 21,00 | € 121,00 |
| € 100,00 | inclusief | 21% | € 82,64 | € 17,36 | € 100,00 |
| € 100,00 | inclusief | 9% | € 91,74 | € 8,26 | € 100,00 |
| € 99,95 | inclusief | 21% | € 82,60 | € 17,35 | € 99,95 |
Het laatste voorbeeld komt van de Belastingdienst: € 99,95 × 21/121 = € 17,35 btw.
Welk btw-tarief geldt wanneer?
Nederland heeft drie btw-tarieven: 21%, 9% en 0%. Of je 21% of 9% rekent, hangt af van wat je levert, niet van wie je klant is. Voor 0% telt ook waar het naartoe gaat en aan wie je levert.
21%: het algemene tarief
Het meeste valt onder 21%: de meeste diensten van zzp'ers (advies, ontwerp, IT, bouw), de meeste spullen en alcoholhoudende dranken. Twijfel je, dan is 21% meestal het goede tarief, tenzij je product of dienst uitdrukkelijk op de lijst van 9% of 0% staat.
9%: het verlaagde tarief
Het 9%-tarief geldt voor een beperkte lijst. In grote lijnen:
- goederen: voedingsmiddelen, water, geneesmiddelen en hulpmiddelen, boeken en tijdschriften, bloemen en planten, en kunst, verzamelvoorwerpen en antiek;
- diensten: de kapper, kleine reparaties van fietsen, schoenen en kleding, bepaalde werkzaamheden aan woningen (zoals schilderen, stukadoren, behangen en isoleren van woningen ouder dan 2 jaar, en schoonmaken in woningen), toegang tot cultuur, recreatie en sport, personenvervoer en kampeerplaatsen.
Wat is er in 2026 veranderd?
Sinds 1 januari 2026 valt logies (hotels, pensions, vakantiewoningen) onder 21% in plaats van 9%. De datum van de overnachting telt, niet die van de boeking of betaling. Een ontbijt of zwembad dat je los aanbiedt, blijft 9%. De geplande verhoging voor cultuur, media en sport is geschrapt: die blijven 9%.
0%: vooral voor het buitenland
Het 0%-tarief geldt vooral voor goederen die je naar het buitenland levert: export buiten de EU en intracommunautaire leveringen aan bedrijven in andere EU-landen. Let op: 0% is iets anders dan vrijgesteld (bijvoorbeeld bepaalde zorg en onderwijs), dan btw verlegd en dan de kleineondernemersregeling. Bij de KOR reken je geen btw en noem je op je factuur helemaal geen btw-tarief. Meer over facturen aan klanten over de grens lees je in Factureren naar het buitenland.
De precieze lijsten staan bij de Belastingdienst. Twijfel je over een product of dienst, kijk dan daar of vraag het je boekhouder.
Afronden: per regel of over het totaal
De Belastingdienst wil dat je het btw-bedrag rekenkundig afrondt op hele centen: is het derde cijfer achter de komma 5 of hoger, dan rond je naar boven af, anders naar beneden. € 20,125 wordt dus € 20,13 en € 20,124 wordt € 20,12.
Je mag kiezen of je de btw per regel afrondt of over het totaal. Je mag ze niet door elkaar gebruiken, en je houdt één lijn aan. Het verschil is vaak een cent. Neem drie regels van € 0,99 exclusief btw tegen 21%:
| Methode | Berekening | Btw |
|---|---|---|
| Per regel | 3 × (€ 0,99 × 0,21 = € 0,2079 → € 0,21) | € 0,63 |
| Over het totaal | € 2,97 × 0,21 = € 0,6237 → € 0,62 | € 0,62 |
Op je btw-aangifte rond je de bedragen af op hele euro's. Dat mag je in je eigen voordeel doen.
Btw op je factuur
Op een factuur met btw zet je de prijs per stuk exclusief btw en reken je de btw onderaan uit. Per tarief vermeld je het bedrag zonder btw, het btw-percentage en het btw-bedrag. Heb je regels met 21% en met 9% op één factuur, dan staan er dus twee btw-regels. Je eigen btw-id moet er ook op. Alle verplichte gegevens staan in Wat moet er op een factuur?.
Wil je het rekenwerk niet zelf doen, gebruik dan de gratis factuurgenerator. Je kiest per regel 21%, 9% of 0%, en de generator rekent de btw per tarief uit en zet alles goed op je factuur. Je hebt geen account nodig.
Bronnen
- Belastingdienst: rekenvoorbeeld btw berekenen
- Belastingdienst: btw-bedrag afronden
- Belastingdienst: goederen met 9% btw
- Belastingdienst: diensten met 9% btw
- Belastingdienst: btw-tarief logies vanaf 2026
- Belastingdienst: werkzaamheden aan woningen
- Eerste Kamer: Wet behoud verlaagd btw-tarief op cultuur, media en sport (36.814)